Bewust of onbewust een ‘rondje stad’ afsluiten via de Geerstraat met het excuus bij t Kroegje nog even neer te ploffen voor een drankje en uiteraard een goed gesprek was meer regel dan uitzondering. Was, want die ‘spontane’ opwelling vond plaats in een andere tijd. Gelukkig opende Gerrie Kragt tijdens de tweede lockdown haar deur (met goedkeuring van hond Shep) om samen even heerlijk weg te dromen. Heerlijk? Ja, zelfs de realistische Gerrie droomt over een betere wereld en een mooier Kampen…

Van jongs af aan wilde Gerrie verpleegster worden: “Ik moest voor mijn opleiding stagelopen en dacht dat ik kon kiezen uit een bejaardentehuis of ziekenhuis, maar ik kwam uiteindelijk terecht bij een psychiatrische inrichting in Veldwijk. Ik was 17 en zoog alle indrukken als een spons op. Die tijd was overweldigend en een ervaring die – ondanks fragiliteit – een stevige basis legde voor mijn verdere leven.”

One flew over the cuckoo’s nest
“Ik dacht op die leeftijd een hele dame te zijn, maar bij nader inzien heb ik daar de meest zware en de meest fantastische tijd meegemaakt. Ik werd voor het eerst geconfronteerd met mensen die de gekte van alle dag vertegenwoordigden, bijvoorbeeld mensen met godsdienstwaanzin en oorlogstrauma’s. De situatie was vergelijkbaar met ‘One flew over the cuckoo’s nest’, de uit 1975. Iedere dag was onvoorspelbaar en ik vond het fascinerend.

Het uitgaansleven was minstens net zo heftig. Toen ik na een halfjaar (graatmager) thuiskwam, had ik tijd nodig om bij te komen. Toen realiseerde i

k me dat de rol van verpleegster niet voor mij was weggelegd. In de zomer van dat jaar zocht ik ontspanning op een terrasje en ontmoette daar fotograaf Ton Kruithof. Hij zocht iemand voor in zijn winkel. Ik heb vervolgens twaalf jaar in zijn fotozaak gewerkt. Niet alleen verkocht ik materialen en ontwikkelde ik foto’s, ik leerde zoveel over het vak dat ik fotoreportages mocht maken. Een geweldige tijd! Ik kwam overal. Toen hij verhuisde naar de Flevoweg besloot ik te stoppen.”

’t Kroegje
“Het liefst wilde ik een studie psychologie oppakken. Ik vond en vind het erg boeiend om me te verdiepen in de beweegredenen van mensen. Wat maakt dat ze iets doen? Of juist niet? Inmiddels had ik mijn man Berry Selles ontmoet, hij ging in die tijd naar het conservatorium. Het leek ons niet verstandig om allebei uit het werkende leven te stappen. Een vriendin nam in die periode een kroeg over en vroeg of ik daar af en toe wilde schoonmaken. Dit werk breidde uit totdat ik tenslotte achter de bar stond. Ik had altijd gedacht dat het niets voor mij zou zijn! Die vriendin ging een keer op vakantie en zij vroeg om nog een keer te vervangen. Ik zag het functioneren van die persoon met lede ogen aan. Het ging niet goed. Ik nam zijn rol over met als gevolg dat ik na enige tijd gevraagd werd om ‘t Kroegje over te nemen. Ik aarzelde, want ik was bang mijn vrijheid kwijt te raken. Toch moest ik er niet aan denken dat een ander hier de scepter zou zwaaien en er iets van zou maken dat niet aansloot bij hoe ik er invulling aan wilde geven. ’t Kroegje was mijn kindje geworden. Ik hakte de knoop door en we zijn inmiddels – zonder spijt – 21 jaar verder!”

Psychologie in de kroeg
“Ik ben erg geïnteresseerd in mensen. Hoewel het om psychologie van de koude grond gaat, kan ik in mijn rol als barvrouw mijn ei goed kwijt! Ik voer interessante gesprekken met dito mensen. Wat drijft mensen om een café te bezoeken? Wat zoeken zij er? De ‘truc’ is om onbevooroordeeld te blijven. Iedereen die hier binnenloopt, komt blank binnen. Deze overtuiging geldt niet alleen voor het café, maar is wat mij betreft de kracht van samenleven.

De leukste activiteit van het jaar is Koningsdag met livemuziek in t Kroegje en diverse muziekkorpsen in de Geerstraat. Uiteraard word ik dan vrolijk van de hoge omzet, maar nóg vrolijker van de heerlijke sfeer. Iedereen is vrolijk. Het is knetterhard werken, maar met het team heb ik de grootste lol. En natuurlijk de mooie liveconcerten. Het maandelijkse Literair Café vind ik ook geweldig. Mijn grootste trigger voor een goed gevoel blijft het contact met mensen, ongeacht welke activiteit ik organiseer. Soms zijn er op een doordeweekse avond maar zes klanten in ‘t Kroegje en heb ik een geweldige avond. Ik ben super gevoelig voor sfeer.”

Berry
“Rond mijn twintigste ontmoette ik Berry. Dat  herinner ik me goed, want het begon met een ‘ruzie’. Ik hoorde eerder die dag toevallig een radio-interview met hem en begreep niets van wat hij vertelde. ’s Avonds sprak hij in een kroeg waar ik ook was aan de bar met iemand over dit interview. Ik ving dit gesprek op en kon niet nalaten me ermee te bemoeien en zei dat ik er geen touw aan vast had kunnen knopen. Gelijk bonje natuurlijk! Waar ik, trutje (volgens Berry), me mee bemoeide! Toch bleek deze start het begin van een lange en fijne tijd samen.

Twee jaar geleden overleed Berry op 71-jarige leeftijd. De kracht van onze relatie was dat we én veel samendeden, maar vooral ook onze eigen gang konden gaan. Ik hoorde ooit iemand zeggen: ‘Nee, dat mag ik niet van mijn vrouw.’ Dat verbaasde me. Stel je eens voor dat je op hogere leeftijd moet erkennen dat je door ‘dat mocht ik niet’ je dromen niet hebt kunnen verwezenlijken. Je moet je leven invullen en leiden op een manier zoals jij wilt. Wij lieten elkaar vrij in onze dromen.

Berry was gek van Amerika, van het landschap, de muziek tot en met de cowboylaarzen.

‘When I die, take my saddle off the wall, place it on my pony and lead him from his stable take my bones to his bag, turn your face to the west and when they ride on the prairies, that’s what we love the best’

Deze tekst sloot aan bij de plek waar Berry begraven wilde worden, een klein stil plekje op de begraafplaats in Grafhorst met ‘zicht’ op een tredmolen, een rad dat door paarden in beweging komt. In Berry’s beleving was dit Amerika het sfeertje dat hij zocht om begraven te worden. Op zijn graf staat een grote steen met fantastische kleuren, waaronder (Arizona)rood. De steen is een metafoor die past bij Berry’s bezieling.”

Koninklijke onderscheiding
Gerrie noemt zichzelf een doener, dat bewijst zich in de praktijk. Naast haar drukke leven als caféeigenaar, zet zij zich ruim 25 jaar in voor Ventura Kampen. Zij startte met Jan Lieftink te ondersteunen en is nu voorzitter. Gerrie is vanaf het begin betrokken bij Kerst in Oud Kampen. Mede door haar is dit festival uitgegroeid tot een jaarlijks regionaal evenement met ruim 90.000 bezoekers. Ook is Gerrie als begeleider actief voor de Stichting Idéfix, een stichting die jaarlijks een vakantieweek organiseert voor kinderen met een ernstige lichamelijke en geestelijke beperking. “Fantastisch om gedurende die week iets te kunnen betekenen voor die kinderen. Je geeft ze kleur. Dat is waar het mij om te doen is.”

Eind 2019 kreeg zij een koninklijke onderscheiding en werd benoemd als ridder in de orde van Oranje-Nassau. “Het was een prachtige bijeenkomst in de gouden zaal van het Stedelijk Museum Kampen met de burgemeester en commissaris van de koning in Overijssel. Terwijl ik met andere voorwendselen in de zaal zat, zag ik ineens mijn broers en zus. Ook kwam er een stoet figuren, waaronder de clown en koning van Ventura, de zaal binnenlopen, tegelijk met mensen van Idéfix. Met een schok realiseerde me dat dit over mij ging! Enigszins bekomen van de schrik ervoer ik alles als hartverwarmend. Al die mensen die zoveel moeite voor mij deden, terwijl ik bij Ventura en/of Idéfix nooit dat had kunnen bereiken zonder die mensen! Zonder licht geen voorstelling, zonder wassen geen schone kleren.”

Positieve inslag
Ondanks de lockdown blijft Gerrie positief: “Ik heb genoeg te doen, hoewel… soms heb ik het gevoel dat ik in de wachtkamer zit. De tijd wil ik nu bijvoorbeeld graag besteden aan vrijwilligerswerk. Maar hoe lang kan ik me dan committeren?  Ik wandel veel met Shep en er zijn genoeg achterstallige klusjes in huis. Ik vermaak me ook prima met lezen en -sinds kort- Netflix. Corona heeft me geleerd dat ik zonder ‘t Kroegje kan. Toch wil (en kan) ik nog niet stoppen. Ik laat me vrijwel nooit uit het veld slaan door negatieve en emotionele gebeurtenissen. Daar ben ik te realistisch voor en ik kan goed relativeren. Natuurlijk heb ik het verlies van Berry moeten verwerken en nog steeds. Kilometers heb ik met Shep gewandeld. Meer mensen zijn achtergebleven na het verlies van een dierbare. Zij hebben het gered. Ik kan dat ook. En daarbij, verdriet mag er zijn hoor!”

Hier en daar kleur geven
“Ik ben geen grote dromer, wel een dagdromer. Ik kan dromen over landschappen die niet bestaan, die ik in mijn fantasie steeds mooier maak.  En feitelijke dromen? Je kunt groot dromen, bijvoorbeeld over vrede op aarde, maar die illusie heb ik niet. Het zijn de kleine dingen die van grote betekenis zijn. Zo droomde ik ervan om ooit over het Rode Plein in Rusland te lopen en deze droom kwam uit. Dromen op dit niveau blijf ik houden. Ik wil bijvoorbeeld olifanten zien in hun natuurlijke leefomgeving.

Toch zijn het de kleine dromen die redelijk eenvoudig in de praktijk kunnen worden gebracht, bijvoorbeeld tonen van respect voor (de verschillen van) elkaar en mensen die elkaar niet beschadigen met een opmerking of actie. Ieder mens heeft het in zich om – al is het door iets heel kleins – kleur te brengen in het leven van anderen. Mensen aanraken, contact. Het belangrijkst vind ik om op een prettige en leuke manier de dagen door te komen, leuke en gekke mensen te ontmoeten en mooie dingen te zien. Ik geloof er heilig in dat dit op mijn pad blijft komen, omdat ik er open voor sta. Ik weet als geen ander dat je niet uit het raam moet staren voor een leuk leven, maar actie ondernemen. Geluk komt je niet aanwaaien.

Ooit heb ik eens gezegd dat ik een jaar in New York zou willen wonen. Het is er niet van gekomen. Spijt? Nee, ik stond een keer aan de andere kant van de IJssel met zicht op het stadsfront en werd overvallen door het gevoel dat dit mijn thuis is. Kampen ligt centraal in Nederland. De grootte is ideaal, ik vind het heerlijk om mensen te (her)kennen. Wanneer ik weer een tijd onafgebroken in Kampen ben, wil ik ‘gepakt’ worden door een andere omgeving en moet ik er eventjes tussenuit.”

Dromen, durven én doen in Kampen
“Mijn wens is dat er vanuit de gemeente meer toekomstvisie en beleid komt over hoe kleur en creativiteit aan Kampen te geven. Schuif persoonlijke en partijbelangen eens aan de kant, stop met populisme, steek de koppen bij elkaar en maak een beleid voor de komende tien à twintig jaar. Wat voor stad willen we zijn? Voor wie en met welke uitstraling? Daarnaast lijkt het alsof door opgelegde regeltjes de speelruimte steeds beperkter wordt. Het is ontzettend jammer dat de academies weg zijn. De studenten brachten kleur aan in de stad. Gelukkig zijn er voldoende mensen en organisaties die initiatief tonen en is er veel wel mogelijk.

Zo’n veertig jaar geleden was er op de langste dag van het jaar een kunstmarkt in Kampen. Tijdens een van die dagen zag ik voor het eerst levende standbeelden en een vuurspugende draak. Een bont gezelschap trok door de stad. Het maakte enorme indruk op me. Ik vond het geweldig dat dit in Kampen kon! Later organiseerde ik samen met anderen Kerst in Oud Kampen en ik realiseerde me dat zoiets nog steeds mogelijk was. Naast bestaande activiteiten hebben we nog veel meer en ‘voor ieder wat wils’ in de aanbieding. Wat dacht je van al die koren? Organiseer een korenfestival! Een paar jaar geleden was ik in Leeuwarden, waar reuzen door de stad trokken. Ik liep met open mond achter de stoet aan en had maar één droom: dit soort activiteiten (nog) meer in Kampen.

Een oproep aan alle creatievelingen in onze gemeente is dan ook: blijf initiatief tonen! Droom niet alleen, maar organiseer het! Laat je niet leiden door beperkingen, blijf denken in mogelijkheden!”

“Niet te categoriseren. Ik niet, niemand niet”, herhaalt Marian een aantal keren tijdens ons gesprek. Regelmatig thee bijschenkend, deelt ze niet alleen haar dromen, maar ook haar overtuiging dat het belangrijk is om – veelal door onwetendheid – opgetrokken muren tussen mensen te beslechten: “Wat ik zoek, is de verbinding, de gemeenschappelijkheden. Ik heb het geluk dat ik in Nederland ben geboren. Dat is niet iedereen gegeven.”

Heldere woorden, kenmerkend voor Marian, die 63 jaar geleden in Kampen werd geboren en op haar vierde met het gezin verhuisde naar IJsselmuiden waar ze een fantastische jeugd genoot: “We woonden aan de Trekvaart, heerlijk aan het water. IJsselmuiden was toen vrij conservatief. Er was sprake van verzuiling en het was ook in die tijd dat ‘rood haar’ eigenlijk niet kon. Kroeskoppen ook niet en die hadden wij allemaal! Vaak werden wij nageroepen met ‘schapenkop’, maar daar hadden wij geen last van. Ik heb alleen maar plezierige herinneringen aan mijn jeugd.”

Na het voortgezet onderwijs volgde ik een opleiding tot maatschappelijk werker in Ede. Het sociale is met de paplepel ingegoten, mensen helpen in een achterstandspositie. De opleiding vond ik veel te praktisch. Ik was meer geïnteresseerd in de drijfveren en beweegredenen. Ik besloot om na deze nog een andere studie, namelijk Sociale en Transculturele Pedagogiek, op te pakken. Deze opleiding, die nu niet meer bestaat, legde vooral een verband tussen theorie en praktijk. Een ideale achtergrond voor wat ik later ging doen bij vluchtelingenwerk. Naast en na mijn studie zette ik me in als vrijwilliger bij Kringloop Kampen (toen nog aan de Noordweg). Een betaalde baan krijgen was in die tijd, de jaren tachtig, niet gemakkelijk. Ik was er tijdens sollicitaties al tegenaan gelopen dat je als vrouw geen gelijke kansen had als je partner. Ik kreeg steeds meer oog voor ongelijkheden tussen mannen en vrouwen. Helaas bestaat dit nog steeds, maar toen was het erger.

Vluchtelingenwerk
Er waren toen nog maar weinig vluchtelingen in Nederland. Aan het eind van mijn studie kwam dat op, onder andere uit Vietnam en Eritrea. Er was vanuit de theologische universiteit in Kampen een vluchtelingenwerkgroep actief. De overheid besloot om deze initiatieven te subsidiëren, elke gemeente kon een aanvraag doen. Ze zochten een coördinator, een functie die aansloot bij mijn studie. Hoewel ik nog weinig van de wet- en regelgeving over vluchtelingen afwist, werd ik aangenomen en begon ik met 19 uur per week. Ons kantoor was gevestigd in een van de Wortmanflats. Wij hielpen asielzoekers bij bijvoorbeeld vinden van een huis, maar ondersteunden ook bij juridische procedures. Dit was zo’n 35 jaar geleden en ik ben nooit uit deze wereld gestapt. Het blijft interessant om me in te zetten voor het welzijn van de vluchteling. Ik vind het boeiend om op wereldniveau bezig te zijn. Niet alleen moet ik op de hoogte zijn van de wet- en regelgeving in Nederland en Europa, maar ook van de situatie in de landen van herkomst. Vluchtelingen komen overal vandaan.

Ingewikkeld en emotioneel
Vluchtelingenwerk is onderdeel van Stichting Welzijn Kampen (tegenwoordig WijZ) en valt onder het overkoepelende orgaan Dimence Groep. Wanneer vluchtelingen een huis in de gemeente toegewezen krijgen, komen wij in beeld. Een aantal van ons regelt de huisvesting en ik buig me over de juridische procedure, denk aan aspecten zoals gezinshereniging. Bijvoorbeeld jongeren uit Eritrea, die minderjarig zijn als ze arriveren, vallen onder de voogdijinstelling. Tijdens het eerste gehoor krijgen ze de vraag of ze gezinshereniging willen aanvragen, meestal voor hun ouders en broertjes en zusjes. Ik verzorg de juridische procedures rondom deze hereniging.

Vaak zijn dit ingewikkelde en emotionele situaties. Een land wil de familieleden vaak niet laten gaan. Los van de hereniging op papier verloopt de fysieke ontmoeting ook niet zonder slag of stoot. Mensen die hier komen, hebben vreselijke dingen meegemaakt. Toen ik net met dit werk begon, had ik veel last van deze – vaak dramatische – ervaringsverhalen. 

Vooral omdat we de voorbereiding van de gehoren deden. De gesprekken waren tot in detail. Gelukkig startte er een opleiding voor mensen in de hulpverlening. Ze werden goed getraind om met secundaire trauma’s om te gaan. Secundair omdat we het niet zelf meegemaakt hadden, maar de verhalen de hele dag hoorden. Dit kan eenzelfde effect opleveren, namelijk dat de wereld niet zo leuk is als wij denken, met een depressie tot gevolg. Dit was bij mij niet zo, wel was ik boos over de ongelijkheid in de wereld.

Nederland vol?
Begin jaren negentig vonden bepaalde groeperingen dat Nederland vol was. Daar moest een weerwoord op komen. Een groep parlementariërs trok zich het lot van vluchtelingen erg aan en startte de stichting ‘Refugiado’, een spiegelproject om te laten zien dat de aantallen die buiten Europa werden opgevangen vele malen groter waren dan die in Europa en in Nederland. Zij betrokken vluchtelingenwerk daarbij en zo deed ik ook mee. Ik reisde een aantal keren naar vluchtelingenkampen in Afrika en vond dit een ware belevenis. Met eigen ogen zien voor wie we het deden! Onder andere was ik in een vluchtelingkamp in Zambia, aan de grens bij Mozambique.

In die jaren veranderde er echt iets. Mandela kwam vrij. In Mozambique was vrede, maar ook verkiezingen. Als een partij in Nederland zetels verliest, kunnen ze nog in de coalitie zitten. In dat land had de verliezende partij niets, trok wellicht de wapens en daarmee was er alsnog een oorlog. De vluchtelingen bleven aan de grens zitten en gingen alleen het land in om te stemmen. Dat was spannend. Wij stonden daar met onze neus vooraan en zagen dat met name veel vrouwen ondersteuning nodig hadden.

Zaden en gereedschap
Er kwam een enorme vluchtelingenstroom op gang door de Beira Corridor. De weg was vrij veilig, want er lagen i.v.m. oliewinning geen landmijnen. Een Nederlandse pater met een groep vrouwen vroeg aan de vluchtelingen wat zij voor hen konden betekenen. Mannen vroegen geld. Vrouwen vroegen zaden en gereedschap, want zij moesten het land weer bewerken. Dit initiatief (van de pater) wierf op heel kleine schaal fondsen en voorzag de vrouwen van wat ze nodig hadden. Wij ontmoetten die pater tijdens zijn missie. Met een groep vrouwen hebben we dit initiatief voortgezet vanuit Nederland. We hebben een aantal keren ter plekke bekeken wat er met onze opbrengsten gedaan was. Ook hebben we (via de vrouwenraad) een aantal Mozambikaanse vrouwen uitgenodigd naar Nederland te komen.

In de jaren dat ik dit werk nu doe, was er geen dag hetzelfde en kreeg ik veel kansen om mijn perspectief uit te breiden en ideeën op te pakken en uit te voeren. Dit ben ik blijven doen. Toen dit en andere projecten afliepen, was het werk door de wet- en regelgeving erg veranderd met nieuwe opvangprocedures. Ik besloot een managementopleiding te volgen. De afgelopen jaren namen fusies veel van mijn tijd in beslag. Ik wil concrete dingen doen. Een van mijn collega’s van juridische zaken ging met pensioen. Ik nam haar functie over. Nu ben ik gelukkig voornamelijk weer inhoudelijk bezig.”

Voelsprieten
Marians open blik naar de wereld heeft veel interessante ontmoetingen tot gevolg. Is dit een soort honger naar veel willen meemaken? Marian: “Dat ook, maar ik ben opgevoed met de slogan die vooral door mijn moeder ingegeven is: we zijn allemaal dezelfde mensen. Wat ik zoek, is verbinding. Als jij uit een andere cultuur komt, ben ik juist op zoek naar wat we gemeenschappelijk hebben. Dat blijkt vaak veel. Ik heb toevallig het geluk dat ik in Nederland geboren ben, dat roept bij mij de zorg op om het leven voor een ander, die dit geluk niet heeft, gemakkelijker te maken of te veranderen. Ondanks veel ellende die ik heb meegemaakt en gehoord, geloof ik in de basis dat iedereen goed wil. Noem mij naïef, maar ieder mens heeft een eigen verhaal. De cultuur waarin je opgroeit bepaalt wat gewoon is. En ook al spreek je niet dezelfde taal, verbinding ontstaat ook door voelbare emotie waar geen woorden voor nodig zijn. Er zijn zoveel lagen in wat je deelt. Ik denk dat wij in onze cultuur onze voelsprieten te weinig gebruiken. Zijn woorden niet toereikend, dan zoek je verbinding op een andere manier en speelt emotie en non-verbale communicatie een belangrijke rol bij contact maken. Het is niet alleen de taal, maar ook willen horen wat de bedoeling/intentie is. Natuurlijk werken wij veel samen met tolken, zeker bij het uitleggen van juridische procedures.

Met-stip-op-één-droom
Hoewel ik nog steeds met veel plezier werk, sta ik aan de vooravond van mijn pensioen. In de komende drie jaar zet ik al concrete stappen om mijn droom te bewerkstelligen. Ik houd niet alleen van mensen, ook van dieren. Ik nam altijd mijn hond mee naar vluchtelingenwerk en merkte dat collega’s en cliënten daarop reageerden. Soms zette ik de hulp van mijn hond bewust in om het ijs te breken en contact te maken. Hij voelde dit goed aan. Bij verdrietige mensen legde hij zijn kop op hun knie. Mooi om te zien. Mijn hond is twee jaar geleden overleden en ik kan geen andere hond nemen omdat er geen dieren meer mee naar het werk mogen. Mijn ‘met-stip-op-één-droom’ is een nieuwe hond.

Behandelruimte voor dieren
Een paar jaar geleden had mijn hond een hernia. Een fysiotherapeute raakte hem aan en hij knapte vrij snel weer op. Zij gebruikte hiervoor, naast fysiotherapie, ook de TTouch, een behandelmethode voor pijnverlichting bij dieren, denk aan artrose, maar ook om angst en kleine ongemakken weg te nemen c.q. te verhelpen. De methode is gebaseerd op vriendelijke en zachte aanrakingen. Geïnspireerd en vooral enthousiast volgde ik een aantal trainingen om hier iets mee te doen. Vooralsnog naast mijn huidige werk maar vooral tijdens mijn pensioen. Ik ben halverwege de opleiding bij TTouch Nederland. Het toeval wilde dat een tijd terug het huis naast mij te koop kwam. Ik zocht mogelijkheden om dit huis te kopen en dit lukte! Ik verbouw ik het nu samen met anderen die mijn droom ook een warm hart toedragen tot een praktijkruimte waar ik dieren kan behandelen om mijn droom in de praktijk te brengen!

Droom voor Kampen
Mijn droom voor Kampen is verweven met Nederland en de rest van de wereld. Ik kan veel praktische dingen bedenken, bijvoorbeeld een goed parkeerbeleid in de binnenstad. Als mensen vragen wat ik voor ogen heb met mijn vluchtelingwerk, dan wil ik me overbodig maken. Was het maar niet meer nodig dat mensen vluchten. Mensen die hier noodgedwongen hun heil zoeken worden soms zelfs onaardig behandeld. Niet specifiek door Kampenaren, maar in Nederland en Europa hebben we enorme muren opgetrokken. Het is moeilijk voor mensen, die geen kant op kunnen, om hier te komen. Ik zou willen dat het politieke klimaat, maar ook de publieke opinie milder zou worden.

Vriendelijkheid verspreiden
Als wij doorgaan met zoals wij nu leven, komt dat niet goed, dan komen er nog veel meer vluchtelingen. Denk aan klimaatvluchtelingen. Wij putten gebieden zo uit dat die mensen wel moeten vluchten. De verhoudingen liggen scheef in de wereld. Ik probeer mijn steentje bij te dragen waar ik kan. Het is belangrijk om in je eigen omgeving zoveel mogelijk vriendelijkheid te verspreiden. Mensen reageren helaas vaak vanuit achterdocht tegenover het onbekende. Maar is dit niet ingegeven vanuit angst en/of een trauma?

Ik bezocht eens de tentoonstelling ‘zwart en wit’ die ging over hoe wij in het verleden met zwarte mensen omgingen, het slavernijverleden. Ik sprak daar met een mevrouw die aangeslagen aangaf hoe verschrikkelijk het was hoe wij met die mensen omgingen. Enerzijds… Aan de andere kant refereerde zij aan ons kroeshaar en dat van de kinderen van mijn zus: “Is daar nu niets aan te doen is?!” Ik was totaal verbouwereerd. Dat kroeshaar mag er dus toch niet zijn.

Ik ben niet te categoriseren. Niemand niet. Ik vind het heerlijk om in Kampen te wonen, maar mijn dromen voor Kampen gelden zeker niet voor Kampen alleen. Die gaan verder….

Wil je nog een kopje thee trouwens?”

“Op vakantie een duofiets kunnen huren was fantastisch”, zegt Sara de Waard en vervolgt: “Helaas is dit in Kampen niet meer mogelijk.  Zorginstellingen doen het niet meer. Maar het blijft een droom waarvan ik hoop dat die weer uitkomt! Niet alleen voor mij, maar voor iedere burger die graag wil fietsen in de gemeente Kampen en dat nu niet (meer) kan vanwege een handicap of ouderdom. Je mist op deze manier een stukje vrijheid en plezier!”

Geïnspireerd door de Maand van Dromen in Kampen maakten Suehaylee, Ricky Tolen, Rachelle Marsman en Clippa (Wilco Verhoeff) deze Spoken Words speciaal voor alle inwoners van Kampen!

KIJK EN LUISTER HIER, geniet en blijf vooral dromen en deze delen natuurlijk!

Theo droomt van een Kamper binnenstad die er wat hem betreft hetzelfde uitziet als de gezellige aanloopstraatjes (zoals Gasthuisstraat en Geerstraat) met allemaal kleinschalige sfeervolle winkels en horeca!

Check zijn droom hier: https://www.youtube.com/watch?v=KkwZzXOT2I4&t=10s

Geluk uit een pen

Wensen der tijden
Drijven dromen voorwaarts mee
Het hoogverhevene stijgt
Tot in hemelsblauw weleer

Betwetend
Geniet men van Kamperse geneugten
In eerlijkheid riekt het bekennen
Van goudbruin gekleurde uien tot in deugden

Toegeeflijkheid
Bevoeld de nok van onze Nieuwe Toren
Hartelijkheid door eenvoud
Laat zwart witte platen gloren

Visuele rijkdom wensen strakke zeilen
Gemoed laat culturele inzichten tezamen varen
Nimmer laat het heilen
De gong der geblindeerde ramen

Klein geluk vindt haar doorsnee
Verblijft vruchtbaar alhier
Het oh, zo verlichtend Liberaal Welzijn
Des IJssels weltevree

Ingrid wil graag onderdeel uitmaken van het team dat het Nederlands vrouwenvoetbalteam volgend jaar tijdens de Olympische Spelen ondersteunt in Tokio. Zodat zij samen met haar vriendin Liesbeth bij elke wedstrijd die ze daar spelen aanwezig kan zijn!

Zoek je Ingrid op de foto? Deze is gemaakt na de goal tijdens de WK finale VS Nederland in Frankrijk vorige zomer.

“Nadat ik twee gedichtenbundels heb uit gegeven, pennenstreken en hoofdbrekens, ben ik nu bezig met het schrijven van een boek, de hoofdpersoon is bij zijn geboorte met een andere baby omgewisseld, hij is dus niet de persoon die hij denkt te zijn. Hij begint zijn zoektocht als zijn beide (pleeg)ouders zijn overleden met als gevolg……..

Het is mijn droom om met dit boek in de top van de boekenlijst terecht te komen, de eerste plaats hoeft niet van mij maar de top 10 zou top zijn.”

.. al jaren Droom ik

om met grote-zorgvuldigheid

steentje-voor-steentje, stukje-bij-beetje, afbreken de MuziekTent.

Zorgvuldig vervolgens op-Bouwen

in het StadsPark.

Gebruik elk jaargetijde!

Performance allerlei; (lounge)Muziek, stand-upComedy, sit-downVerteller, Dans, Presentatie, Koek&Zoopie, Actie, Human, Multiculti, Positivisme!

Stads-architect Nicolaas Plomp

gaf in harmonie wederom Samenwerking

transformeren herontworpen Stadspark,

lintje-knip opening moment

‘ParkTent’  ☺

Foto: Stadsarchief Kampen